Overzicht medische tuchtzaken

03-08-2026 - 09-08-2026
18
Zaken
32
Week
2026
Jaar

Tuchtbode Nieuwsbrief — Week 32, 2026

1. INLEIDING

Welkom bij de Tuchtbode, een wekelijkse nieuwsbrief die een bijdrage wil leveren aan het lerend vermogen in het medisch tuchtrecht. Deze editie bevat achttien gepubliceerde uitspraken, waarvan vier met een opgelegde maatregel. De zaken bieden inzicht in de grenzen van professionele verantwoordelijkheid, het belang van heldere communicatie en de risico’s van grensoverschrijdend gedrag.

2. HOOFDPUNTEN & TRENDS

  • Het merendeel van de klachten (14 van de 18) werd kennelijk ongegrond verklaard, wat wijst op een hoge drempel voor tuchtrechtelijke aansprakelijkheid.
  • In vier zaken werden maatregelen opgelegd, waaronder een voorwaardelijke schorsing en een verbod op wederinschrijving, alle tegen gz-psychologen of psychotherapeuten, met name vanwege grensoverschrijdend gedrag en schending van professionele grenzen.
  • In meerdere zaken speelde de vraag of een zorgverlener daadwerkelijk betrokken was bij een medische handeling (bijv. beoordeling MRI-scan) of dat de klacht zich richtte op handelen van anderen (bijv. ziekenhuis), wat leidde tot ongegrondverklaring.

3. STATISTIEKEN

  • Totaal aantal zaken deze week: 18
  • Aantal zaken per beroepsgroep:
    • Huisarts: 2
    • Psychiater: 2
    • GZ-psycholoog: 5
    • Psychotherapeut / GZ-psycholoog: 1
    • Oogarts: 1
    • Chirurg: 2
    • Radioloog: 3
    • (Basis)arts: 1
    • Specialist ouderengeneeskunde: 1
  • Aantal zaken waarin een maatregel is opgelegd: 4 (waarschuwing, voorwaardelijke schorsing, verbod op wederinschrijving)

4. MEEST ILLUSTRATIEVE ZAKEN

Beroepen (Centraal Tuchtcollege)

ECLI:NL:TGZCTG:2026:162

  • Beroepsgroep: Psychiater
  • Kern van het verwijt: Klaagster is tweemaal door de psychiater gezien voor een second opinion in het kader van een euthanasietraject. Zij verwijt de psychiater onjuiste inhoud van de verslagen, onjuiste verzending en gebrekkige communicatie per e-mail.
  • Uitspraak en maatregel: Het Regionaal Tuchtcollege verklaarde de klacht deels gegrond en legde de fysiotherapeut de maatregel van waarschuwing op. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep.
  • Korte motivering: Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep zonder nadere motivering in de beschikbare gegevens.
  • Concrete leerpunten voor de praktijk:
    • Wees bij het opstellen van verslagen van een second opinion nauwkeurig en objectief.
    • Zorg voor duidelijke afspraken over verzending van verslagen en wees transparant in communicatie met de patiënt.

ECLI:NL:TGZCTG:2026:165

  • Beroepsgroep: Huisarts
  • Kern van het verwijt: Klaagster is met een crisismaatregel gedwongen opgenomen nadat de huisarts de crisisdienst had ingeschakeld. Klaagster verwijt de huisarts dat zij lichtvaardig opdracht heeft gegeven tot opname, zonder dat klaagster haar zienswijze heeft kunnen geven.
  • Uitspraak en maatregel: Het Regionaal Tuchtcollege verklaart de klacht kennelijk ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep.
  • Korte motivering: Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep zonder nadere motivering in de beschikbare gegevens.
  • Concrete leerpunten voor de praktijk:
    • - Weeg bij het inschakelen van de crisisdienst de urgentie zorgvuldig af en documenteer de overwegingen.
    • Informeer de patiënt, indien mogelijk, over de stappen die worden gezet, ook in een crisissituatie.

Zaken in eerste aanleg (regionale tuchtcolleges)

ECLI:NL:TGZRAMS:2026:190

  • Beroepsgroep: GZ-psycholoog
  • Kern van het verwijt: Klager en de gz-psycholoog kennen elkaar in privésetting. Klager is bij haar in behandeling gekomen. Na vijf maanden heeft de gz-psycholoog de behandelovereenkomst eenzijdig verbroken. Klager verwijt haar dat zij hem nooit had mogen behandelen, dat zij het medisch beroepsgeheim heeft geschonden tegenover gezamenlijke vrienden en dat het medisch dossier veel te laat is verstrekt.
  • Uitspraak en maatregel: Alle klachtonderdelen gegrond. Voorwaardelijke schorsing van drie maanden, met een proeftijd van twee jaar.
  • Korte motivering: Het college acht alle klachtonderdelen gegrond, maar een nadere motivering is in de beschikbare gegevens niet opgenomen.
  • Concrete leerpunten voor de praktijk:
    • Vermijd het behandelen van personen met wie een privérelatie bestaat; dit levert een onvermijdbare belangenverstrengeling op.
    • Houd te allen tijde het beroepsgeheim, ook in contacten met gezamenlijke kennissen.
    • Verstrek het medisch dossier tijdig aan de patiënt op diens verzoek.

ECLI:NL:TGZRAMS:2026:197

  • Beroepsgroep: GZ-psycholoog (voorheen BIG-geregistreerd)
  • Kern van het verwijt: De gz-psycholoog heeft grensoverschrijdend gehandeld door met een cliënte een vriendschappelijke relatie aan te gaan en vervolgens seksueel contact met haar te hebben. Daarnaast is hij tekortgeschoten in de zorgverlening en heeft hij onvoldoende dossier gevoerd. De gz-psycholoog heeft het verwijtbare handelen erkend.
  • Uitspraak en maatregel: Verbod op wederinschrijving. Daarnaast verbiedt het college de gz-psycholoog om als zorgverlener supervisie-, mentoring- en coachingstrajecten aan andere zorgverleners aan te bieden.
  • Korte motivering: Het college legt deze maatregelen op vanwege het ernstige grensoverschrijdende gedrag en de erkenning daarvan.
  • Concrete leerpunten voor de praktijk:
    • Bewaak professionele grenzen ten opzichte van cliënten; seksuele relaties zijn te allen tijde ontoelaatbaar.
    • Zorg voor een deugdelijke dossiervoering die voldoet aan de professionele standaard.
    • Wees alert op de eigen kwetsbaarheid bij het aangaan van relaties met cliënten.

ECLI:NL:TGZRAMS:2026:191

  • Beroepsgroep: Psychotherapeut / GZ-psycholoog
  • Kern van het verwijt: De psychotherapeut heeft een schriftelijke verklaring opgesteld over haar cliënte, waarin gebeurtenissen worden beschreven waarbij klager betrokken was. Klager verwijt haar dat zij valse kwalificaties en beschrijvingen over hem in de verklaring heeft opgenomen.
  • Uitspraak en maatregel: Deels gegrond. Waarschuwing.
  • Korte motivering: Het college oordeelt dat de psychotherapeut de verklaring niet had mogen schrijven op de manier waarop zij dit heeft gedaan. Het is verwijtbaar dat zij op verzoek van cliënte een ongeadresseerde verklaring opstelde waarin strafrechtelijke gedragingen van klager als feiten zijn opgenomen.
  • Concrete leerpunten voor de praktijk:
    • Wees terughoudend met het opstellen van verklaringen over derden, zeker als deze strafrechtelijke beschuldigingen bevatten.
    • Zorg dat een verklaring feitelijk en objectief is, en vermijd het presenteren van beschuldigingen als vaststaande feiten.
    • Reflecteer vooraf op de mogelijke gevolgen van een dergelijke verklaring voor alle betrokkenen.

5. CONCLUSIE

Deze week laat zien dat het tuchtrecht streng toetst of een zorgverlener daadwerkelijk een verwijt kan worden gemaakt; het merendeel van de klachten wordt ongegrond verklaard. Tegelijkertijd worden bij bewezen grensoverschrijdend gedrag – vooral in de psychologische hulpverlening – zware maatregelen opgelegd, variërend van een waarschuwing tot een verbod op wederinschrijving. De zaken benadrukken het belang van heldere professionele grenzen, zorgvuldige communicatie en een nauwkeurige dossiervoering.

Hieronder vind je een overzicht van de gepubliceerde abstracts van alle zaken van afgelopen week

📄 Alle Zaken

ECLI:NL:TGZCTG:2026:160 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/3003
06-08-2026
Klacht tegen een huisarts. Klager verbleef met enkele onderbrekingen van 2013 tot 2017 in een verpleeghuis voor mensen met verslavingsproblematiek. Klager is eenmaal bij de arts op consult geweest. Klager verwijt de arts dat hij adviseerde paracetamol te nemen voor de hoofdpijn. Hij had klager verder moeten onderzoeken. Bovendien had hij op de hoogte moeten zijn van de psychofarmaca die klager toegediend kreeg. Het Regionaal Tuchtcollege verklaart de klacht kennelijk ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het ingestelde beroep.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZCTG:2026:161 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/3004
06-08-2026
Klacht tegen een psychiater. Klager verbleef in een verpleeghuis voor mensen met verslavingsproblematiek. De psychiater werkte in die periode voor een instelling die psychiatrische hulp verleende in het verpleeghuis. Volgens klager heeft de psychiater hem: a) vanaf 2014 zonder zijn medeweten medicatie gegeven, als gevolg waarvan klager fysieke klachten kreeg; b) nooit lichamelijk onderzocht; c) hem tijdens een consult niet respectvol behandeld heeft. Het Regionaal Tuchtcollege verklaart de klacht in al haar onderdelen kennelijk ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het ingestelde beroep.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZCTG:2026:162 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2026/3148
06-08-2026
Klacht tegen een psychiater. Klaagster is tweemaal door de psychiater gezien voor een second opinion in het kader van een euthanasietraject. Klaagster maakt de psychiater verwijten over de inhoud van de verslagen van beide second opinions, de verzending van het verslag van de tweede second opinion en haar communicatie per e-mail. Het Regionaal Tuchtcollege te Zwolle heeft de klacht deels gegrond verklaard en de fysiotherapeut de maatregel van waarschuwing opgelegd. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZCTG:2026:165 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/3017
06-08-2026
Klacht tegen een huisarts. Klaagster is met een crisismaatregel gedwongen opgenomen nadat de huisarts de crisisdienst had ingeschakeld. Klaagster verwijt de huisarts dat zij lichtvaardig aan de crisisdienst opdracht heeft gegeven om klaagster te laten opnemen, waarbij klaagster in strijd met de uitgangspunten van de Nationale Hoorservice niet haar zienswijze heeft kunnen geven. Het Regionaal Tuchtcollege verklaart de klacht kennelijk ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het ingestelde beroep.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:139 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8613
05-08-2026
Kennelijk ongegronde klacht tegen GZ-psycholoog. Regiebehandelaar. Moeder van cliënt klaagt onder meer over de behandeling van haar zoon, die later door suïcide is overleden. Opname op Forensisch Psychiatrische Afdeling van GGZ-instelling. Afspraken over vrijheden en verloven. Wijziging van behandel- en beveiligingsafspraken in geval van incidenten. Handelen in overeenstemming met professionele competenties en rol als regiebehandelaar.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:140 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8964
05-08-2026
Kennelijk ongegronde klacht tegen GZ-psycholoog. Klacht betreft psychodiagnostisch onderzoek dat door een GZ-psycholoog in opleiding onder verantwoordelijkheid van verweerster is gedaan. Klager verwijt verweerster ondeugdelijk onderzoek, met als gevolg onzorgvuldige diagnoses en behandeladvies en onvoldoende supervisie. Deugdelijk en zorgvuldig diagnostisch proces. Diverse onderzoeksmethoden en testonderzoek. Integratief beeld. Het bestaan van tegenstrijdige testresultaten wil niet zeggen dat het onderzoek onjuist is uitgevoerd. Rapportage voldoet aan de eisen. Supervisie conform de geldende richtlijnen.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:141 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8663
05-08-2026
Kennelijk ongegronde klacht tegen GZ-psycholoog die ook de regiebehandelaar van patiënte is. Patiënte verwijt de GZ-psycholoog dat zij, ondanks dat klaagster bijwerkingen van de medicatie ervaarde, heeft geweigerd de medicatie aan te passen. GZ-psycholoog is niet bevoegd medicatie voor te schrijven of aan te passen. Als regiebehandelaar heeft zij het verzoek van klaagster terecht aan de artsen en verpleegkundig specialist doorgegeven.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:142 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8872
05-08-2026
Kennelijk ongegronde klacht tegen oogarts. Er was geen sprake van een weigering van zorg door de oogarts, omdat het ziekenhuis klager steeds een afspraak bij een andere oogarts had aangeboden. Ook is het recht op vrije artsenkeuze niet geschonden, omdat dit geen verplichting voor een individuele arts inhoudt om iedere patiënt te behandelen. Voor zover de klacht betrekking heeft op het handelen van het ziekenhuis of de bestuurder, kan de oogarts daarvoor niet tuchtrechtelijk verantwoordelijk worden gehouden.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:137 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025-9247
05-08-2026
Kennelijk ongegronde klacht tegen chirurg. Plaatsen drie rubberbandligaties was conform richtlijnen. Chirurg heeft de pijnklachten van klager niet genegeerd en doorverwijzing was passend. Geen sprake van onheuse bejegening en/of niet serieus nemen klachten. HIV-status van klager was geen contra indicatie voor plaatsen rubberbandligaties.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:138 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/9248
05-08-2026
Kennelijk ongegronde klacht tegen chirurg. Chirurg heeft klager geïnformeerd over de behandelopties en het te verwachten beloop na de behandeling. Plaatsen drie rubberbandligaties was conform richtlijnen. Controlemoment heeft plaatsgevonden en geen sprake van niet serieus nemen klachten. HIV-status van klager was geen contra indicatie voor plaatsen rubberbandligaties
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:193 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2026/9595
04-08-2026
Kennelijk ongegronde klacht tegen een radioloog. Bij klaagster is een tumor in de hals ontdekt. Klaagster heeft zich bij dit college en bij het Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg op het standpunt gesteld dat de MRI-scans door verschillende radiologen op verschillende momenten niet juist zijn beoordeeld, waardoor er niet is gezien dat de tumor was gegroeid. Het college is met de radioloog van oordeel dat het openen van het dossier in 2018 nog niet betekent dat de toen gemaakte scan daadwerkelijk door hem is beoordeeld. Voor het college is leidend dat uit het medisch dossier blijkt dat de radioloog niet de verslaglegging heeft gedaan van de beoordeling van deze MRI-scan en ook niet als medebeoordelaar wordt genoemd in de verslagen. Zodoende concludeert het college dat de radioloog geen betrokkenheid heeft gehad bij de (uiteindelijke) beoordeling van de scan in 2018.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:194 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2026/9596
04-08-2026
Kennelijk ongegronde klacht tegen een radioloog. Bij klaagster is een tumor in de hals ontdekt. Klaagster heeft zich bij dit college en bij het Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg op het standpunt gesteld dat de MRI-scans door verschillende radiologen op verschillende momenten niet juist zijn beoordeeld, waardoor er niet is gezien dat de tumor was gegroeid. Het college is met de radioloog van oordeel dat het openen van het dossier nog niet betekent dat de in 2016 gemaakte scan ook daadwerkelijk door haar is beoordeeld. Voor het college is leidend dat uit het medisch dossier blijkt dat de radioloog niet de verslaglegging heeft gedaan van de beoordeling van deze MRI-scan en ook niet als medebeoordelaar wordt genoemd in de verslagen. Zodoende concludeert het college dat de radioloog geen betrokkenheid heeft gehad bij de (uiteindelijke) beoordeling van de scan in 2016.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:195 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8635
04-08-2026
Kennelijk ongegronde klacht tegen een (basis)arts. De moeder van klaagster (patiënte) was opgenomen op de instelling waar de arts destijds als basisarts werkte. Op de dag van het ontslag uit de instelling is patiënte thuis overleden. Klaagster vindt dat de arts patiënte niet adequaat heeft behandeld en onvoldoende heeft gecommuniceerd. Het college oordeelt dat de arts zorgvuldig heeft gehandeld en kan niet vaststellen hoe de communicatie tussen klaagster en haar echtgenoot met de arts is geweest.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:196 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/9459
04-08-2026
(Gedeeltelijk) kennelijk ongegronde klacht tegen een specialist ouderengeneeskunde. Klager klaagt namens zijn vader, die op basis van een rechterlijke machtiging (RM) op een gesloten afdeling verblijft. De arts heeft voor de verlening van die RM een medische verklaring afgegeven. Klager vindt dat die verklaring niet op zorgvuldige wijze tot stand is gekomen en dat de arts alleen heeft geluisterd naar de bewindvoerder van zijn vader, terwijl klager meent dat hijzelf als zoon de primaire gesprekspartner was. Het college oordeelt dat de arts zorgvuldig heeft gehandeld bij het afgeven van de medische verklaring. Ook merkt het college op dat de vader een mentor heeft (geen bewindvoerder) die de officiële gesprekspartner voor persoonlijke zaken rond de vader was.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:190 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8902
04-08-2026
Gegronde klacht tegen gz-psycholoog. Klager en de gz-psycholoog kennen elkaar in privésetting. Klager is bij de gz-psycholoog in behandeling gekomen. Na vijf maanden heeft de gz-psycholoog de behandelovereenkomst eenzijdig verbroken. Klager vindt dat de gz-psycholoog hem nooit had mogen behandelen. Verder verwijt klager de gz-psycholoog dat zij haar medisch beroepsgeheim heeft geschonden tegenover gezamenlijke vrienden en het medisch dossier veel te laat aan hem heeft verstrekt. Het college acht alle klachtonderdelen gegrond. Voorwaardelijke schorsing van drie maanden, met een proeftijd van twee jaar.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:197 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/9116
04-08-2026
Gegronde klacht van IGJ tegen een (voorheen BIG-geregistreerd) gz-psycholoog. De gz-psycholoog heeft grensoverschrijdend gehandeld door met een cliënte een vriendschappelijke relatie aan te gaan en vervolgens seksueel contact met haar te hebben. Daarnaast is hij tekort geschoten in de zorgverlening door de cliënte niet in overeenstemming met de professionele standaard en richtlijnen te behandelen, en onvoldoende dossier te voeren. De gz-psycholoog heeft zijn tuchtrechtelijk verwijtbare handelen erkend. Verbod op wederinschrijving. Het college verbiedt de gz-psycholoog om als zorgverlener supervisie-, mentoring- en coachingstrajecten aan andere zorgverleners aan te bieden.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:191 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2026/9621 A2026/9622
04-08-2026
Deels gegronde klacht tegen psychotherapeut / gz-psycholoog, die een schriftelijke verklaring heeft opgesteld waarin zij over haar cliënte schrijft en gebeurtenissen beschrijft waarbij klager betrokken was. Klager verwijt verweerster onder meer dat zij valse kwalificaties en beschrijvingen over hem de verklaring heeft opgenomen. Het college oordeelt dat de psychotherapeut / gz-psycholoog de verklaring niet had mogen schrijven op de manier waarop zij dit heeft gedaan. Verwijtbaar handelen door op verzoek van cliënte een ongeadresseerde verklaring op te stellen waarin strafrechtelijke gedragingen van klager als feiten zijn opgenomen. Waarschuwing. Inzicht in onjuistheid van handelen en daar adequaat op gereflecteerd.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:192 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/9163
04-08-2026
Kennelijk ongegronde klacht tegen een radioloog. Klager verwijt de radioloog dat hij hem onjuist advies heeft gegeven over de rustperiode na de injectie in de slijmbeurs van de rechterenkel en dat hierdoor zijn achillespees is afgescheurd. Het college oordeelt dat het advies van de radioloog om een paar dagen rust te houden na de injectie, met de folder die patiënten ontvangen - en ook met de wetenschappelijke literatuur - in lijn is, mede gelet op het feit dat er (nog) geen wetenschappelijk bewijs is dat een langere rustperiode van meerwaarde zou zijn.
Bekijk volledige zaak →